breek

Zwart uit de wondermond

Nederlandstalige literatuur, Poëzie

breek

Het zijn gekken die lezen, het zijn gekken die schrijven, het zijn gekken allemaal …

Met Arno Breekveld creëert Atte Jongstra een typetje – met heel wat minder serieux overigens dan bvb. Pessoa Soares creëerde. Een psychiater leidt het een en ander in, – het mag daarbij al eens over psychologie gaan, en ook wel eens over literatuur. Jongstra zelf leidt het boek uit met een, haast pathetische, biografische schets van zijn zelfverzonnen schizofreen typetje.

Maar hoofdbrok van dit boek zijn natuurlijk de gedichten: gedichten waarvan de psychiater vindt dat ze, hoewel affectief geladen, gekenmerkt worden door een schizofreen taalgebruik; gedichten waarvan Jongstra schrijft dat ze Breekveld’s “felste aandriften bezweren”.

Maar het schizofrene taalgebruik is niet meer dan het clownspak dat Jongstra zijn Breekveld laat aantrekken, en de ‘felste aandriften’ zijn al bij al niet veel feller dan een clownsneus, een geschminkte traan, een ingekleurd libido …

Ik herinner me de bloemlezing Ik ben niet gek!, samengesteld door Breukers en Pollet, waarin die felle aandriften wel aan bod kwamen, en waarin de taal dan misschien niet zozeer pseudo-schizofreen, maar grotendeels wel poëtisch was. Toen ik dat boek las, heb ik me er nog over verbaasd dat Arno Breekveld er in ontbrak. Vandaag moet ik vaststellen dat er geen enkel gedicht van Breekveld in die bloemlezing thuishoort. Jongstra is nl. niet gek, hij doet alleen maar alsof … en er staat geen enkel gedicht in deze bundel waarin dat er niet vingerdik op ligt.


Zwart uit de wondermond : verzamelde gedichten / Arno Breekveld ; gek. en ingel. door Henk Corthals en voorzien van een biografische schets door Atte Jongstra. – Amsterdam : Candide, 2006. – 95 p. ; 21 cm. – ISBN 9789075483918. – Librarything en hier